Zorgpersoneel vlucht het land uit maar minister praat over vooruitgang

Arts dokter

De gezondheidszorg in Suriname balanceert al jaren op het randje van de afgrond.

Terwijl minister Amar Ramadhin volhoudt dat er sprake is van ‘voortgang’, schilderen zijn collega-artsen die nu ook politiek actief zijn een compleet ander beeld: één van leeglopende ziekenhuizen, apotheken zonder cruciale medicijnen en personeel dat het land verlaat uit pure wanhoop. Dus wie spreekt de waarheid?

De realiteit liegt er niet om. Patiënten kloppen aan bij apotheken en krijgen keer op keer te horen dat levensreddende medicijnen er niet zijn.

Specialisten, van chirurgen tot anesthesisten, zoeken hun heil in het buitenland.

Verpleegkundigen, ooit de ruggengraat van ons zorgsysteem, gooien het bijltje erbij neer of vertrekken stilletjes. Dit is geen incident, dit is een structurele ineenstorting.

Toch beweert de minister dat er vooruitgang is geboekt. Er is geïnvesteerd, ja. Maar investeringen zonder transparantie, zonder meetbare resultaten en zonder directe impact op patiënten, zijn holle frasen.

De miljoenen die zogenaamd zijn vrijgemaakt hebben geen zuurstof geboden aan de gezondheidsinstellingen die snakken naar middelen, noch aan de burgers die smeken om zorg.

Als collega-artsen uit de sector zich genoodzaakt voelen om politiek op te stappen en alarm te slaan, dan zegt dat iets.

Het zegt dat het systeem ziek is en dat het ministerie zelf een symptoom is geworden van het falen. In plaats van kritiek als aanval te zien, zou Ramadhin het als noodsignaal moeten beschouwen.

Wie spreekt de waarheid? Het antwoord ligt bij de patiënt die wacht op zorg die nooit komt.

N. Mohari