Steeds meer Surinamers merken dat het verkrijgen van een verblijfsvergunning voor Nederland geen vanzelfsprekendheid meer is.
Waar er vroeger relatief eenvoudig toegang was tot het moederland, lijkt de poort naar Europa nu steeds verder dicht te gaan. De procedures zijn strenger, de eisen hoger en de goedkeuringen zeldzamer.
Onderzoek van GFC Nieuws wijst uit dat dit komt door een combinatie van factoren.
De Nederlandse overheid voert al geruime tijd een restrictiever migratiebeleid, vooral om de instroom van vreemdelingen te beperken.
Daar vallen ook aanvragen voor verblijf bij familie, studie of werk onder. Surinamers moeten steeds vaker voldoen aan strenge inkomensnormen, taalvereisten en uitgebreide bewijsvoering van hun situatie.
Één van de meest gekozen routes, verblijf bij partner of familie, vereist nu dat de Nederlandse partner minimaal €1.995 netto per maand verdient, stabiel werk heeft en dat er sprake is van een duurzame relatie.
Ook moeten alle documenten tot in de puntjes kloppen. Één fout, en de aanvraag wordt geweigerd.
Studeren in Nederland is ook een optie, maar daar hangen flinke kosten aan vast. Buitenlandse studenten moeten aantonen dat ze hun opleiding én levensonderhoud zelf kunnen bekostigen, vaak tot meer dan €15.000 per jaar.
De makkelijkste route, zo blijkt uit een analyse van GFC, is momenteel de kennismigrantenregeling.
Dit geldt echter vooral voor hoogopgeleiden met een concrete baan in Nederland, waarbij het salaris voldoet aan de strikte norm van ruim €3.700 tot €5.500 per maand, afhankelijk van leeftijd.
Voor veel Surinamers blijft de vraag: hoe nu verder? Één ding is duidelijk, de drempel ligt hoger dan ooit.

Jennifer Atmo is hoofdredacteur bij GFC Nieuws en een echte Surinamekenner. Ze schrijft graag over lifestyle en entertainment en is daarnaast voorzitster van KIVC, een organisatie die zich inzet voor maatschappelijke thema’s.
Voor contact: jennifer@gfcnieuws.com of direct via WhatsApp.